15 april 2015 | TEKST: VALERIE DONSWIJK | FOTOGRAFIE: JARNO KRAAYVANGER
JUNI.2015
Hardloop clinic
 Zwolle
 Tijdstip volgt!
Binnenkort inschrijven

Verslaafd aan hardlopen

Arne Mulder (24) is de snelste loper van Zwolle, staat op de Nederlandse ranglijst in de top dertig en werd in 2012 na de Zwolse Halve Marathon getipt als opkomend talent waar Nederland nog veel van zou horen. Hij finishte destijds als tweede beste Nederlander. Naast zijn carrière als topsporter werkt Arne in hardloopwinkel Run2Day en begeleidt hij als hardloopcoördinator van Stichting Empower jongeren met een autisme-spectrumstoornis. Hardlopen is voor Arne écht zijn lust en zijn leven. “Het is niet alleen een sport, het is een manier van leven, een passie. De term sport dekt de lading niet.”

Naam: Arne Mulder
Leeftijd: 24 jaar
Woont in: Holtenbroek, samen met vriendin Wilmke
Zwols bloed: Geboren en getogen
Houdt van: “De veelheid die de binnenstad biedt en het Westerveldse bos op vijf minuten afstand.”
Beroep: Topsporter, verkoopmedewerker Run2Day en hardloopcoördinator Stichting Empower
Passie: Hardlopen

Bereconditie

Voordat Arne begon met hardlopen, was hij net als veel jongens van zijn leeftijd op het voetbalveld te vinden. “Ik was er eigenlijk niet goed in maar ik kon wel hard lopen, dus ik was de stofzuiger op het middenveld. Als er een corner was dekte ik altijd twee man, dan zag je ze denken: die houdt ons nooit bij. Maar ik kon het altijd aardig oplossen.” Eenmaal besmet met het hardloopvirus – want de jaarlijkse hardloopwedstrijd op de voetbalclub vond hij eigenlijk het leukste moment van het seizoen - werd hij fanatiek. Op vijftienjarige leeftijd besloot hij dat hij de halve marathon wilde lopen. “Toen ik dat thuis vertelde, verklaarde mijn vader me voor gek. ‘Dan moet je eerst maar eens laten zien dat je zo lang kunt lopen, want daar moet je een bereconditie voor hebben. We gaan wel een rondje Zwolle lopen en dan zien we wel hoe lang je het volhoudt’, zei hij. Dus ik ging lopen, met mijn vader op de fiets ernaast. Urenlang, totdat mijn vader moe was en zei dat ‘ie het wel geloofde. Thuis kroop ik achter de computer, vervalste mijn geboortejaar aangezien je achttien moet zijn, en schreef me in.”



hardloperarnemulder Zwolle
Bij voetbal was ik de stofzuiger op het middenveld omdat ik zo hard kon lopen
Reserves aanspreken

“Die eerste keer vond ik fantastisch. Het jaar daarna deed ik weer mee, liep een kwartier sneller en ik vond het zo leuk dat ik toen heb gezegd: ik ga alleen nog maar hardlopen.” En nu staat Arne aan de vooravond van zijn marathondebuut, op zondag 19 april in Enschede. “Iets waar ik al zo lang over heb gefantaseerd. De halve marathon, dat was mooi en aardig. Maar de hele, dat is zo’n andere wereld en soort vermoeidheid. Ik moet al mijn reserves aanspreken, me in het begin inhouden en gecontroleerd en rustig blijven lopen. Continu in mijn hoofd blijven herhalen dat het nog zwaarder zal worden. Dat is een nieuw soort vermoeidheid voor mij waar ik nooit eerder kennis mee heb gemaakt, en dat is heel apart. Dat stukje vermoeidheid kun je bijna niet trainen, tenzij je als een idioot hele lange duurlopen gaat doen, maar dat kun je beter niet doen want dan ben je al moe voordat je begint. Qua gevoel schijnt het veel met je te doen. Ik laat het op me af komen.”


“Ik ben - denk ik - enorm verslaafd aan hardlopen. Als ik een tijdje niet kan lopen word ik onrustig. Misschien zelfs wel vervelend, haha. Ik train veel, zo’n tien à dertien uur in de week. Dat is pittig, maar het tempo en de snelheid zijn gedoseerd. Veel mensen denken dat ik alleen maar heel hard loop en alleen maar heel hard kán lopen. Maar ik ga niet altijd heel snel, ik kan ook wel rustig lopen of joggen.” Het liefst loopt Arne in het Westerveldse bos. “Ik vind het contrast in dat gebied zo mooi. Als je op de dijk bij de roeivereniging loopt en je gaat de bocht om, dan is het achter de heuvel windstil en hoor je de vogels. Het is een oase van rust. Er is niemand en ik geniet daar van de omgeving. Wanneer ik loop voel ik me op mijn gemak. Ik voel me fijn bij de beweging. Het is moeilijk uit te leggen, maar het is ontspanning. Waar ik aan denk hangt af van de training. Tijdens een rustige loop denk ik aan van alles. Bij een lange, zware training let ik op mijn ademhaling, probeer ik rustig te blijven en houd ik mijn tempo in de gaten. Wanneer ik een snelle training doe houd ik met mijn klokje mijn tempo in de gaten, wat ik gebruik om mijn concentratie vast te houden.”



hardloperarnemulder Zwolle
Als ik niet hardloop, word ik vervelend!
Duidelijke training
Arne hecht naast zijn topsportcarrière ook veel waarde aan wat hij voor de maatschappij doet. Zo werkt hij bij Stichting Empower, waar hij onder meer jongeren met een autisme-spectrumstoornis hardlooptraining geeft. “Zij hebben extra begeleiding en structuur nodig als ze sporten. Tijdens een gewone hardlooptraining is de instructie van de trainer ongeveer: ‘We doen vandaag een rondje Stadshagen, vier keer een tempo van twee minuten en rust van vijf minuten en dan joggen we nog even door het Westerveld’. Voor mijn groep is dat te vaag, dat roept vragen op. Daarom heb ik de routes uitgeprint en geplastificeerd, zodat ze precies weten waar we lopen. De soorten tempo’s heb ik ook uitgeschreven en geplastificeerd. Tempo één is net niet meer wandelen, bij tempo twee kun je nog kletsen en bij tempo drie kun je nog praten maar begin je te hijgen. Ik maak alles zo duidelijk mogelijk en geef ze handvatten, zodat zij er iets mee kunnen.”
Lichamelijke sensaties

“Door met die jongeren op pad te gaan kan ik bepaalde dingen ook weer goed relativeren. Dan denk ik als ik bijvoorbeeld last heb van mijn kuit: 'wat zit ik nou te miepen en te mauwen over pijn en dat ik niet twintig kilometer per uur kan lopen, terwijl er een paar jongeren in de groep zijn die drie weken thuis zitten omdat ze bij moeten komen van de prikkels van de feestdagen.' Door hen herbeleef ik ook weer de beginnersfase van het hardlopen. Ze komen er achter dat als we om zeven uur trainen, ze dan niet om half zeven nog een broodje gehaktbal met satésaus kunnen eten, want daar krijgen ze last van. Ze doen allerlei ervaringen op en ondergaan lichamelijke sensaties – wat is dit, allemaal zweet? - want ze zijn niet gewend om te sporten. Het zijn kleine dingetjes waar ik zelf niet meer bij stil sta. Dat is voor mij vanzelfsprekend geworden, dus ik vind het prachtig om dat met die jongeren te ervaren.”



hardloperarnemulder Zwolle

“Ik probeer het maximale uit mijn hardloopprestaties te halen en te kijken hoe ver ik kan komen. Je leeft maar één keer en ik vind het een kick om te proberen heel goed te worden als marathonloper en mezelf te verbeteren. Hoe snel zou ik kunnen, en hoe hard? Het lijkt me geweldig om zo’n lange afstand te lopen, want wow, het is best ver. Ik probeer een zo goed mogelijk resultaat neer te zetten, maar mezelf niet te veel druk op te leggen. Ik stel mezelf geen doelen als: ik wil minimaal dit of dat in mijn atletiekcarrière hebben behaald of als ik zevenentwintig ben de marathon in twee uur en twintig minuten kunnen lopen. Voor sommigen werkt het om zo’n stok achter de deur te hebben en ik heb natuurlijk wel veel ambitie, maar dat is voor mij een te krampachtige en geforceerde manier om er mee om te gaan. Stel dat het niet lukt op de manier die ik voor ogen had, dan denk ik weer aan de jongeren die ik begeleid. Als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat.” 



hardloperarnemulder Zwolle
"Hoe snel zou ik kunnen worden?" Dat is de grote vraag!
DEEL:

Plaats een bericht



CAPTCHA Image
Reload Image



1 Reacties